schilderijen, schilderlessen & kunsteducatie
home | ARTIKELEN | frater beatus nijs
Nieuwsbrief
 
frater beatus nijs (1912-2002)

zelfportret An old man, going a lone highway
Came, at the evening, cold and gray
To a chasm, vast, and deep, and wide
Through which was flowing a sullen tide.
The old man crossed in the twilight dim
The sullen stream had no fears for him.
But he turned, when safe on the other side
And built a bridge to span the tide.

"Old man," said a fellow pilgrim, near,
"You are wasting strength with building here.
Your journey will end with the ending day
You never again must pass this way.
You have crossed the chasm, deep and wide
Why build you the bridge at the eventide?"

The builder lifted his old gray head
"Good friend, in the path I have come," he said,
"There followeth after me today
A youth, whose feet must pass this way.
This chasm, that has been naught to me
To that fair-haired youth may a pitfall be.
He, too, must cross in the twilight dim
Good friend, I am building the bridge for him."

Will Allen Dromgoole


Deze pagina is ter nagedachtenis aan een hele bijzondere man, de geestelijke Frater Beatus. Hij was een man met vele gezichten: gelovig maar ook ruimdenkend, serieus maar ook ondeugend, wijs maar ook naief, charmant maar ook eigenzinnig. En een fantastisch tekenleraar, die je met zijn enthousiasme altijd weer wist te motiveren om door te gaan. Hij was al bijna 80 jaar toen ik hem ontmoette, maar was nog steeds vol passie over het tekenvak. Na veel tegenslagen was hij kunstenaar geworden. Maar in plaats van verder te gaan en carriere in de kunst te maken, draaide hij zich om en bouwde hij een brug voor de jeugd. Vele leerlingen bereikten met zijn hulp de overkant en werden kunstenaar of tekenleraar...

Toetreding tot het klooster
Frans Nijs was geboren in 1912 en trad in 1931 toe tot het klooster, de orde van fraters van Utrecht, een onderwijscongregatie. Zijn naam veranderde in Frater Beatus, wat "gelukkige man" betekent.

Als leraar werd Frater Beatus verbonden aan de technische school van Borculo. Toen hij na een aantal jaren een inzinking kreeg, kwamen de arts en overste overeen dat het kloosterleven te benauwend voor hem was. Hij moest zich vrij kunnen uiten. Na een verblijf in een groot kunstenaarsatelier in Blaricum betrok hij in 1951 zijn atelier in Hilversum aan de Oude Amersfoortseweg, naast de EO. Met een aantal andere fraters woonde hij in een nabijgelegen fraterhuis aan de Alexanderlaan.

Oorlogsjaren
Vooral tijdens en vlak na de oorlog maakte hij in opdracht beelden en muurschilderingen voor gebouwen, scholen en kerken. In de oorlog kwam een meisje aan de deur voor eten. Hij vroeg haar in ruil daarvoor te poseren voor een schilderij. "We deelden samen het eten dat ik had".

Frater met wandschildering Herfstbladeren
Oskar Tarcisius
Frater Beatus Nijs Frater Beatus Nijs

De eerste lessen
Zijn eerste leerling, Wim Schaap, nam vriendjes en vriendinnetjes mee en zo kreeg de frater het steeds drukker met lesgeven. Door het drukke lesprogramma kwam hij bijna niet meer aan zelf beeldhouwen en schilderen toe. Hij moest 's nachts aan zijn opdrachten werken.

Over zijn leerlingen zei hij "sommigen hebben het echt in de vingers, anderen weer wat minder. Het gaat er echter om dat de mensen er plezier in hebben. Al is het alleen maar om het sociale contact dat ze hier hebben."

Hij was streng voor degenen die verder wilden in de kunst. "Als jongelui zeggen dat ze later naar de academie willen, leer ik ze al vroeg dat ze heel hard moeten werken, ook buiten de lesuren om. Dan krijgen ze op hun bliksem".

Hij gaf les op de maandag-, dinsdag-, woensdag- en donderdagavond en de donderdag- en zaterdagochtend aan groepen van maximaal 15 leerlingen. Tijdens zijn lessen werd er getekend, geschilderd en geboetseerd naar stilleven, naakt- en portret model. Zijn lessen werden zo'n succes, dat er wachtlijsten waren. Tot zijn 80ste gaf hij les aan honderden leerlingen per week. Sommigen kwamen al meer dan 20 jaar. Velen van zijn leerlingen zijn later kunstenaar, tekenleraar of illustrator geworden.

Frater met BeeldDe laatste jaren van zijn leven
Toen hij 83 jaar werd kreeg hij een koninklijke onderscheiding, de eremedaille in goud van de Orde Oranje-Nassau.
De laatste jaren van zijn leven was hij hulpbehoevend en bracht hij door in het verpleeghuis St. Josef in De Bilt. Er brak een moeilijke tijd aan voor de frater, zonder atelier, zonder zijn leerlingen. Maar ook in het verpleeghuis bleef hij zo actief als hij kon, en tekende graag de zusters na. Zij die les hebben gehad bij de frater zien dat waarschijnlijk helemaal voor zich...

Rouwkaart

De frater over zijn werk
"Ik moet zelf eigenlijk ook blijven schilderen en boetseren, anders ga ik achteruit".

 "Ik heb veel kinderhoofdjes geboetseerd. Vooral van kinderen die hier op straat speelden. Dan riep ik ze gewoon even naar binnen. Ik maak wat ik mooi vind.

Hij gaf zijn beelden altijd een liefdevol aaitje over de bol, alsof het een mens was.

De frater hield van figuratieve kunst, kunst moest voor hem wel " iets voorstellen", en hij bekende dat hij "als realist van abstracte kunst geen barst snapt".

Hij vertelde over zijn studietijd waarin hij in mortuaria schetste  "omdat ze zo lekker stil liggen". Ook liet hij wel eens dodenmasker zien, afgietsels van gezichten van overledenen. Als jong meisje vond ik dat fascinerend.

De frater heeft ook wel eens geexposeerd, maar zijn grote liefde bleef altijd het lesgeven in zijn eigen atelier.

Met dank aan Frater Perdon en de verhalen van oud-leerlingen...

 












`